Degeneratieve Myelopathy
Degeneratieve Myelopathy (DM) is een fatale progressieve neurologische aandoening van het ruggenmerg bij honden, vergelijkbaar met MS bij mensen. De ziekte heeft een verraderlijk begin en vangt meestal aan tussen de leeftijd van 6 en 14 jaar. Vanaf de eerste tekenen tot het einde verloopt meestal 6 tot 18 maanden.
DNA
Op 15 juli 2008 is het gen, verantwoordelijk voor DM, gevonden in 43 hondenrassen. De ziekte wordt vooral geconstateerd bij de Duitse Herder en de Welsh Corgi Pembroke. Andere rassen gevoelig voor DM zijn: Boxer, Rodesian Ridgeback en de Franse Bulldog. Een DNA test is nu beschikbaar door middel van een zogenaamde “swap”.
Er zijn 3 uitslagen mogelijk:
Dragers en vrije honden zullen de ziekte niet ontwikkelen, lijders kunnen de ziekte wel ontwikkelen.
Met honden die drager of lijder zijn kan wel gefokt worden, mits de partner vrij is. Zo zorg je ervoor dat er geen lijders geboren worden.
Als fokker kun je ook de pups testen, de test kan al gedaan worden bij pups van enkele dagen oud.
Symptomen
Degeneratieve Myelopathy begint met zwakte en coördinatieverlies in de achterste ledematen. Eerst een poot en later de andere poot. De hond gaat slepen en waggelen met de achterpoten en struikelen. De nagels slijten en beschadiging van de poot kunnen volgen, waarna mogelijk infecties kunnen optreden. Later, als de verlamming verergert, valt de hond om, vooral op een gladde ondergrond. Lopen wordt steeds moeilijker. Een hond in goede conditie kan echter nog wel rennen (zolang de tweede poot nog bruikbaar is). Incontinentie betekent meestal dat het einde nabij is. Uiteindelijk worden de vitale organen aangetast. Het verloop van de ziekte is afhankelijk van de fysieke conditie en omgevingsfactoren. De hond wordt meestal stressgevoelig.
Oorzaak
In het ruggenmerg lopen de zenuwbanen welke de spieren aansturen. Deze zenuwen liggen in bundels gegroepeerd in de zogenoemde "witte stof". Deze witte stof wordt aangetast, de isolatie (myeline) van de zenuwen verdwijnt en de zenuwen sterven af, waardoor de aansturing van de spieren steeds minder wordt. Dit wordt veroorzaakt door een mutatie in een gen en het al dan niet aanwezig zijn van een bepaald allel. Bij de Duitse herder allel 1101*J.
Diagnose
De diagnose gebeurd door middel van eliminatie. Er kunnen meerdere oorzaken zijn voor de uiterlijke kentekenen van DM, zoals onder andere hernia, spondylose, tumor, cyste, infecties of hartaanval. Er kan een EMG, CT scan en/of MRI scan worden gemaakt. Geeft dit geen resultaat, dan wordt de diagnose DM gesteld. De definitieve diagnose is slechts mogelijk door middel van een autopsie.
Behandeling
Een bestaat geen behandeling welke DM tot staan brengt. Echter, soms is het mogelijk de ziekte te vertragen. De verschillende behandelingen welke op het Internet worden aanbevolen zijn zonder wetenschappelijk gemeten resultaat. Training bevordert de spieropbouw van de nog bruikbare spieren, waardoor de hond langer mobiel blijft. Aanbevolen is training, bijvoorbeeld wandelen (niet slenteren) en zwemmen. Waarschuwing: vermijdt stress, het kan het verloop van deze ziekte versnellen. Zelfs kleine chirurgische ingrepen kunnen van invloed zijn.
Mogelijk medicijn is het geven van Aminocaproic zuur (EACA) in combinatie met het anti-oxidant N-Acetylcysteine (NAC). Een dierenkliniek meldt dat dit bij 15 tot 20 procent van de honden resultaat heeft. EACA is alleen in de VS te bestellen, in Nederland kan het worden gemaakt door een apotheker. Een vitamine B-complex kan positief werken al dan niet in combinatie met EACA en NAC. Ook hier zijn veel aanbevelingen te vinden op het Internet, maar ook hier met onbewezen resultaat.
Bron
|
A/A |
Lijder |
|
A/N |
Drager |
|
N/N |
Vrij |